De vlier, wie kent hem niet. Het is een struik die niet zo opvalt, behalve wanneer die bloeit en als zijn bessen rijp zijn. Dat is nu het geval. Zwaar en zwart hangen de bessen aan de takken, wachtend om gegeten te worden, door vogels of door de mens.
In een zomer als deze, wanneer het niet te warm is en het veel regent, kun je de vlierbes plukken van augustus tot november. Voordat je de vlierbes consumeert, moet je hem eerst koken. De bes is namelijk lichtelijk giftig en koken maakt de giftige stoffen onschadelijk. Daarna kan je er heerlijke vruchtensap, likeur, jam of siroop van maken. Of verwerk de bessen in een taart, ijsjes of een smoothie.
De vlierbes is niet alleen lekker van smaak, maar kan ook je gezondheid verbeteren. De besjes bevatten van nature veel vitamine A, B en C, sporenelementen en mineralen zoals zink en ijzer. Dit draagt bij aan een sterke weerstand en helpt ons tegen griep, verkoudheid en luchtwegklachten. Bij een blaasontsteking kan vlierbessenthee voor verlichting zorgen. Daarnaast kan het eten van vlierbessen ook bijdragen aan een goede gezondheid van je hart. De bessen bevatten namelijk veel flavonoïden, die beschermen tegen ziekten van het cardiovasculaire systeem. Hierdoor kan de gezondheid van je hart- en bloedvaten verbeteren wanneer je geregeld vlierbesjes nuttigt.
Mocht je nog onrijpe bessen tegenkomen, dan kun je die verwerken tot kappertjes. Daarvoor moet je de groene bessen eerst 5 dagen pekelen, daarna het zout er vanaf spoelen en koken in appelazijn met foelie, peper en knoflook. Vervolgens giet je de bessen samen met het kookvocht in brandschone potjes. Daarna laat je ze 3 weken staan, zodat de smaken goed kunnen inwerken. De vlierbeskappertjes zijn heerlijk over over de pasta, een salade of in visgerechten.